“Moonlight is een mooi voorbeeld van intersectionaliteit”: Een gesprek met Fourat Ben Chikha

06-06-2017 | Orlando Verde

Als we werkelijk iets willen bereiken inzake homofobie, seksisme en racisme, dan moeten we ervoor zorgen dat we een verbinding maken tussen elkaars strijd. Dan moet de LGBT-gemeenschap bijvoorbeeld reageren wanneer een minister racisme ‘relatief’ noemt en dan moeten middenveldsorganisaties die zich focussen op etnische en culturele minderheden ook reageren wanneer homofobie de kop op steekt.

Moonlight is straffe cinema. De vele prijzen die de film heeft gewonnen zijn geen toeval: dat hadden er zelfs meer mogen zijn. Moonlight is ook de eerste LGBT-film die de Oscar voor Best Picture in ontvangst mocht nemen. Een pionier, dus.

Op 7 juni wordt de film vertoond in De Roma. Çavaria-projectmedewerker Fourat Ben Chikha zorgt er voor de inleiding. “Het is een mooi en gelaagd liefdesverhaal dat clichés vermijdt,” stelt hij. “De film bevat uitgediepte personages, geweldige muziek en prachtige beelden. Maar er zitten ook verschillende spanningsvelden in. Het is een harde film, maar tegelijk ook teder. Het gaat over omgang met moraliteit maar ook over de nood aan ruimte voor je eigen ontwikkeling. Al is het belangrijkste misschien dat de film over vergeven gaat”.

Film op een kruispunt

Iedereen heeft gehoord over de heisa rond Moonlight tijdens de prijsuitreiking van de Oscars aangezien eerst een andere film aangekondigd werd. Het leek wel een soort weerspiegeling van een (onbewuste) weerstand om de film te erkennen.Voor Fourat bevat die vergissing veel symboliek. “Het is de eerste keer dat ik een film zie waar ik echt een sterke connectie mee heb en waar ik me in kan herkennen. Dat het hoofdpersonage niet alleen homo is maar tegelijkertijd niet beantwoordt aan een dominante norm is op zich al een mijlpaal, holebifilms kleuren meestal wat blank.” En dat mag gezien worden als een onderdeel van een bredere problematiek.

Om te beginnen wordt homoseksualiteit bijna uitsluitend in beeld gebracht wanneer een film over homoseksualiteit gaat (en zijn er amper holebi-personages in films die buiten het genre vallen). “Maar dat is bijna een regel voor alle minderheden”, voegt Fourat toe, “niet enkel voor holebi´s en transgenders.” Het probleem beperkt zich ook niet tot Hollywood: “hoeveel films zijn er geweest met personages van Marokkaanse origine in de hoofdrol? Ik hoop dat het patroon doorbroken wordt met Adil en Bilall, maar minderheden worden vandaag niet beschouwd als potentiele helden of potentiele hoofdrollen tout court”.

Moonlight is in die zin een heel mooi voorbeeld van intersectionaliteit”, zegt Fourat. “Het is niet enkel een liefdesverhaal, het gaat vooral ook over de context. Het gaat over armoede, het gaat over huidskleur, het gaat over seksuele oriëntatie.” Het is juist omdat de film zich op dat kruispunt situeertdat hij een meerwaarde heeft voor het debat rond homoseksualiteit en minderheden. Ook in onze context, aangezien de film ook op maatschappelijk niveau zeer herkenbaar is.

 

Homofobie, seksisme en racisme

Homofobie wordt vaak geculturaliseerd, maar de situatie is natuurlijk vele malen complexer dan de typische beeldvorming doet uitschijnen. “Drie van de vier daders van Ihsane Jarfi, de dodelijke slachtoffer van homofobie in Luik, hadden geen migratieachtergrond. Dat kwam niet overeen met de assumpties die leefden voordat er duidelijkheid was over de daders. De culturalisering van homofobie is een fundamenteel probleem. Als het over homofobie gaat moeten we ons niet zo blind staren op cultuur." Moonlight illustreert dat goed, gezien het verhaal geen verband heeft met de religieuze en culturele usual suspects. "De real issues zijn andere kwesties. In eerste instantie is er bijvoorbeeld het onderwijs. Dat is zeer bepalend als we voor een minder homofobe samenleving willen zorgen. Op dat vlak zijn er wat stappen ingezet, maar er is nog heel wat werk aan de winkel.”

“Wat daarnaast ook een belangrijke rol speelt, niet alleen voor homofobie maar ook voor seksisme,” gaat Fourat verder, “zijn genderpatronen waarbij mannen als sterk worden beschouwd en vrouwelijkheid als een zwakte wordt gezien.” En dat is iets dat ook onder de ‘Vlaamse kerktoren’ sterk leeft: “het is hypocriet en pretentieus om dat te ontkennen. Het is dan ook pijnlijk om te horen hoe sommige politici de strijd van de LGBT-community recupereren als een stok om er andere minderheden mee te slaan. Homofobie kan je niet bestrijden met een islamofoob discours. Je kan niet toestaan dat iemand op de barricades gaat staan tegen homofobie en terzelfdertijd racistische en etnocentrische standpunten inneemt. Als we werkelijk iets willen bereiken inzake homofobie, seksisme en racisme, dan moeten we ervoor zorgen dat we een verbinding maken tussen elkaars strijd. Dan moet de LGBT-gemeenschap bijvoorbeeld reageren wanneer een minister racisme ‘relatief’ noemt en dan moeten middenveldsorganisaties die zich focussen op etnische en culturele minderheden ook reageren wanneer homofobie de kop op steekt. Op die manier nemen we de wind uit het zeil van populisten”. Mensen die zich op dat kruispunt situeren en meerdere strijden tegelijk moeten vechten, spelen een sleutelrol in de verbinding van die verschillende agenda’s.

Veilige havens

“Wat ook interessant is aan de film is de dubbele kwetsbaarheid. Het hoofdpersonage moet zich niet alleen beschermen omwille van zijn geaardheid, maar ook vanwege mogelijk racisme. Iedere homoman met een migratieachtergrond heeft meer last van racisme dan van homohaat, wat nogal ironisch is in een Westerse samenleving.” Dat weet Fourat ook uit zijn professionele ervaring. Met Safe Havens, een project van Çavaria, zet hij zich immers dagelijks in voor vluchtelingen.

Safe Havens is opgestart in 2016 met steun van Fedasil. Het project bestaat uit twee luiken: het eerste luik is medewerkers uit asielcentra op te leiden aan de hand van een e-learning vormingspakket dat ze op eigen tempo kunnen volgen. “Bijna twee-derde van de mensen die in zo’n centrum terecht komt, wordt ooit slachtoffer van verbaal of fysiek geweld, bovenop wat ze al hebben meegemaakt tijdens hun migratietraject en in hun landen van herkomst. De specifieke noden van de doelgroep moeten worden gedetecteerd om daar een antwoord op te bieden. Sommige mensen hebben bijvoorbeeld nood aan individuele hulpverlening. Men wordt ook opgeleid om aan geweldpreventie te doen. Als crisissituaties niet op een adequate manier worden beantwoord, kan het er immers voor zorgen dat diegenen die al slachtoffers zijn, nog eens extra gestraft worden.”

Het tweede luik zijn laagdrempelige activiteiten om een vertrouwensklimaat te helpen ontstaan. Dat gebeurt in samenwerking met de Roze Huizen in de hoop op die manier samen met de vrijwilligers een expertennetwerk op te richten dat voor een betere toeleiding kan zorgen. “Concreet kan dat bijvoorbeeld betekenen dat een vrijwilliger die op de hoogte is van beschikbaarheid op de huurmarkt, anderen helpt in hun zoektocht naar een woning. Maar het kan ook gaan om taalondersteuning of andere vormen van hulpverlening.”

--

Moonlight, een film van Barry Jenkins. Op 07.06 in De Roma, met een inleiding van Fourat Ben Chikha.

http://www.kifkif.be/actua/%E2%80%9Cmoonlight-is-een-mooi-voorbeeld-van-intersectionaliteit%E2%80%9D-een-gesprek-met-fourat-ben-chikha