Academia meets Islam: een gesprek met Khalid El Jafoufi, voorzitter studentenvereniging Mahara

06-10-2015 | Orlando Verde

Ons engagement is een positieve ingesteldheid om iets aan de negatieve tijdgeest te doen binnen onze pluralistische samenleving.

Het stond onlangs overal te lezen: “Moslims stichten studentenvereniging” stond er hier, “islamitische vereniging” klonk het daar. In een tijd waarin zulke titels velen in een kramp doen schieten, valt de beslissing om zich toch te verenigen op zijn minst moedig te noemen. Maar tegelijkertijd is de wereld van de academia in dringend nood aan verzoening met de Islam. Mahara biedt de opleiding “Toegepaste Islamitische Wetenschappen” aan haar leden in samenwerking met het Gentse Centrum voor Islamitische Educatie de Toekomst (CIET - www.ciet.be).

Wat staat er op het programma? Hoe is de staf samengesteld?

De organisatie biedt de opleiding aan in drie vormen. Bij het CIET zijn het voornamelijk werkende mensen die in drie jaar tijd alle modules bij het centrum volgen. Daarnaast verzorgt het instituut sinds kort ook verschillende modules voor huidige en toekomstige islamleerkrachten. Elke module wordt dus ook gecertificeerd door de Executieve van de Moslims van België.

En sinds dit jaar biedt het instituut in samenwerking met onze studentenvereniging ook een gepersonaliseerd traject aan. Bij ons zullen de studenten op vier jaar tijd alle modules kunnen afronden en in het vijfde én laatste jaar dienen de studenten een paper te schrijven. In die paper staat de synergie tussen enerzijds de academische specialiteit van de student en anderzijds de ethisch islamitische aspecten die in dat domein worden bestudeerd, centraal.

Zo kan iemand die ‘Toegepaste Economische Wetenschappen’ studeert bijvoorbeeld nagaan in hoeverre bestaande economische systemen ethisch zijn vanuit een islamitische bril. Die kritische blik strekt zich ook tot datgene dat vandaag binnen de islamitische gemeenschap als ‘ethisch’ wordt beschouwd. Want in hoeverre zijn bijvoorbeeld de bestaande ‘islamitische’ banken wel ethisch?

Is deze naschoolse opleiding vergelijkbaar met een imamopleiding?

Een imamopleiding is het zeker niet. Daarvoor voldoet de opleiding simpelweg niet aan en is ze ook niet voor in het leven geroepen. Deze opleiding biedt echter wel voldoende kennis en vaardigheden aan om eventueel als islamleerkracht les te geven. Natuurlijk moet daarnaast nog wel een bekwaamheidsattest worden behaald bij de daarvoor bevoegde instellingen.

Maar ook dat is niet het hoofddoel van ons gepersonaliseerd traject. Wij willen in de eerste plaats experten creëren die in staat zullen zijn om het wetenschappelijk en academisch kader waarbinnen zij geschoold zijn, te rijmen met of tegen het licht te houden van de islamitische denkkaders. Deze opleiding biedt hen dus voldoende tools aan om toegang te verkrijgen tot het islamitisch en wetenschappelijk patrimonium.

Er leeft een bezorgdheid over jongeren die in hun spirituele zoektocht terechtkomen op religieuze leiders van dubieuze reputatie, voornamelijk online. Bieden jullie daar een antwoord op?

We nemen inderdaad wel akte van het feit dat jongeren steeds meer op zoek gaan naar spirituele doelen en daarbij ook (en vaak uitsluitend) via het internet hun gading vinden. Van een gedegen religieuze basis en begrip van de islamitische vakken binnen een ruimer referentiekader is er zelden sprake. Daarom zijn wij ervan overtuigd dat ons aanbod wel onrechtstreeks heel veel studenten zal kunnen charmeren omdat het voldoet aan de (religieuze) verwachtingen, maar ook omdat er een uitgesproken maatschappelijk en academisch karakter aan de opleiding vasthangt.

Waarom is een dergelijke vereniging nodig?

Ons engagement is een positieve ingesteldheid om iets aan de negatieve tijdgeest te doen binnen onze pluralistische samenleving. Vooral de aanslagen gepleegd door excessen binnen islamitische middens hebben de publieke opinie steeds meer doen keren tegen de islam an sich.

De islamitische identiteit en vooral haar compatibiliteit met de Westerse waarden wordt steeds openlijker in vraag gesteld, terwijl de religiositeit en behoefte aan spiritualiteit onder de jongeren net toeneemt. Jongeren hebben dus nood aan rolmodellen die voor hen een verpersoonlijking kunnen zijn van de harmonisatie van beide werelden.

Daarom heeft Mahara tot doel om studenten de nodige religieuze, ethische en rituele verdieping aan te bieden. Alleen door zelf initiatief te nemen kunnen we hopen dat de inclusiviteit binnen de samenleving wordt versterkt.

Eigenlijk zou je het stichten van een dergelijke vereniging kunnen zien als een teken van inburgering, niet? Het verenigingsleven is toch een heel Vlaams gegeven...

Dat kan je inderdaad stellen. Bijna bij iedereen die ik tot nu toe over ons project aansprak kwam ongeveer dezelfde spontane reactie: “dat zoiets nog niet eerder bestond is toch echt niet te begrijpen hé…”. Het verenigingsleven binnen de academische wereld is dus volgens mij sowieso aan een grondige make-over toe. De Universiteit Antwerpen is dezelfde mening toegedaan, denk ik. Want ze zet intern steeds meer in op diversiteit (ook binnen de curricula van het opleidingsaanbod) en hoopt op termijn naar een grotere weerspiegeling van onze superdiverse samenleving te evolueren. Dan kan het verenigingsleven best niet achterblijven denk ik dan…

Hoe versterkt een dergelijke vereniging het contact tussen een afgebakende groep (zij het een levensbeschouwelijke studentenvereniging of een toneelgezelschap) en de rest van de samenleving?

Als levensbeschouwelijke studentenvereniging hebben we sowieso al een specifiek doelpubliek. Om het contact tussen studenten van verschillende referentiekaders te versterken zetten wij daarom enorm in op (intra- en interreligieuze) dialoog. Als islamitisch geïnspireerde studentenvereniging vinden wij daarmee perfect ons plekje binnen het actief pluralisme van de UA.

Concreet, organiseren wij jaarlijks een interreligieus panelgesprek of debat waarbij we focussen op een zo breed mogelijk doelpubliek. Daarnaast organiseren we dialoogavonden en willen we de islamitische evenementen, zoals de Ramadan, vaker in het licht zetten. Op die manier kunnen we de kloof tussen de bestaande ‘studentenkliekjes’ wat meer dichten en verlagen we de drempel voor openhartige dialoog onder de studenten.

Een zwakke kennis van de Islam zou voor velen aan de basis liggen van religieus geïnspireerde radicalisering. Klinkt dat redelijk? Kunnen initiatieven zoals Mahara daar verandering in brengen?

Ik kan me er zeker iets bij voorstellen, als je zegt dat een gebrek aan kennis ten grondslag ligt aan radicalisering. Maar het doet de waarheid onrecht aan om ons enkel op dat ‘gebrek aan kennis’ blind te staren. Er zijn veel meer factoren die talloze onderzoekers hebben aangehaald. Onder meer de socio-economische toestand en vooral het gebrek aan toekomstperspectief is zorgwekkend.

Initiatieven als Mahara kunnen zeker een meerwaarde betekenen om onder meer het gebrek aan kennis en helder toekomstperspectief te verhelpen. Ik ben er zelfs van overtuigd dat onze aanpak veel efficiënter, effectiever en sociaal wenselijker is om dergelijke ontsporingen tegen te gaan. De verschillende ‘deradicaliseringscentra’ hebben volgens mij maar effect in een vergevorderd stadium.

Veel effectiever en wenselijker is om jongeren geen stigma op het voorhoofd te kleven. Zo behoed je de maatschappij van ronduit belachelijke lijsten van ‘symptomen’ die op radicalisme duiden, maar leid je jongeren meteen in een positief verhaal waarbinnen ze zich zowel ethisch als maatschappelijk goed zullen voelen. Alleen zo kunnen we onze verspilzucht van jong talent structureel indijken.

Kan een dergelijke vereniging op termijn de academische wereld beïnvloeden en verrijken? Is het ook de bedoeling om bij te dragen tot de academische wereld door aandacht te schenken aan "andere visies" die vandaag aan de marge blijven?

Ik heb vernomen dat de Universiteit Antwerpen werk wilt maken van een meer inclusieve samenstelling van de syllabi. Onder andere door het aanhalen van meer diverse voorbeelden en modellen die eigen zijn aan diverse culturen. Zo kan o.a. het voorbeeld over economie en rente wat meer getoetst worden aan de verschillende referentiekaders (die ook onder de studenten leven).

Niet alle professoren staan weliswaar te springen om uit het huidige (monoculturele) denkkader te stappen, maar ik geloof dat ook zij in de toekomst mee op die vooruitstrevende kar zullen springen. Als studentenvereniging hopen wij natuurlijk ook dat de experten die op termijn gevormd zullen worden ook op dat vlak de academische wereld gaan verrijken.

Hoe werd jullie project tot nu toe onthaald?

Ik kan spreken van een lichtjes euforisch onthaal. Heel veel enthousiasme en positieve reacties hebben ons de laatste dagen enorm gecharmeerd. Ook de universiteit zelf staat volledig achter ons initiatief. We voelen ons daardoor enorm gesterkt in ons engagement. Het geeft ons alleen maar meer motivatie om ons ten volle in te zetten voor de studenten. Falen is geen optie.  

http://www.kifkif.be/actua/academia-meets-islam-een-gesprek-met-khalid-el-jafoufi-voorzitter-studentenvereniging-mahara