De jacht

19-11-2011 | O.

“What’s good for the Goose is good for the gander.”
Oud Engels spreekwoord.

Ik weet niet of het aan de wijn lag of misschien was het omwille van een schilderij dat aan de muur hing, maar tijdens een “degustatie avond” in een hip restaurant van het Antwerpse Zuid waren mijn gedachten ineens ver weg. Ik vroeg me namelijk af, ergens tussen de vierde en de vijfde ronde van hapjes, hoe je een “barbaars” concept als de jacht aanvaardbaar kan maken voor de media, voor de politiek en vooral voor de modale Vlaming. Of toch aanvaardbaar genoeg om daar geen heisa rond te maken, elk jaar in oktober, bij het begin van het grote wildseizoen. Het antwoord is complex en heeft te maken met een levenslang proces dat de jacht een soort romantisch aura wil geven.

Om te beginnen kan je tegenwoordig, in de hipste kinderwinkels, koppen vinden van herten, tijgers of zelfs olifanten die je aan de muur van een babykamer kan laten hangen. Zo wordt een mens van tedere leeftijd al gewoon aan het idee van de jacht. Een dood dier krijgt een minder gruwelijk karakter. Door het gebruik van aaibare materialen wordt het zelfs lief. In plaats van een jachttrofee, wordt het een lief beestje dat aan de muur hangt.

Een aantal jaren later, als je kind oud genoeg is om een verhaal te volgen, dienen de sprookjes om de heldhaftige aspecten van de jager te accentueren. De jager, die anonieme, brave en dappere man (heel zelden is de jager een vrouw) die Roodkapje redt, wordt een mysterie voor het kind. Hij loopt rond in het bos, dus verdere uitleg wordt niet verwacht voor zijn verschijning. En de eeuwige outfit van de jager maakt het gemakkelijk voor je kind om hem vaandag de dag te identificeren. De eenzaamheid die aan hem geschonken wordt verleent ook een bijna filosofische teneur aan zijn gedachten.

De culinaire en toeristische facetten van het wildseizoen spelen ook een belangrijke rol in het ‘abstraheren’ van de gruwel van het dierlijk lijk. Het wildseizoen zal in de herinnering blijven van je kind, dat al lang geen kleuter meer is, als dat familiemoment ergens in de Ardennen, rond een enorme jambon à la moutarde of een geraffineerde fazantpaté met een slaatje en een coulis de framboise of, waarom niet, een medaillon van reerug, met verse najaarsgroenten en zwarte truffels, natuurlijk. Als je kind de juiste leeftijd bereikt heeft en je zelf een jachtliefhebber bent, kan je kind mee gaan. En zelf jagen. En schieten op een hert. Terwijl je vanop een afstand zenuwachtig toekijkt met een vaderlijke spanning of hem influistert “one shot”, zoals Robert de Niro in The Deer Hunter, de prachtige filmparel van Michael Cimino. Een ideaal passageritueel.

Trouwens, de films, de kunsten in het algemeen, zullen in het verloop van de tijd het concept van de jacht nog zachter maken. Mythischer. Oude schilderijen van de Britse adel op pad met de fijnste paarden en de slimste honden, prachtige middeleeuwse jachttaferelen of zelfs een standbeeld van Artemis, godin van de jacht.

Ik weet dat het moeilijk is maar… kunnen we ongeveer even veel moeite doen om het volk vertrouwd te maken met het concept van de rituele slachting van schapen? Als het lukt voor de jacht ben ik zeker dat het ook kan lukken voor de islamitische tradities. Want op een of andere manier moeten we een evenwicht vinden tussen de manier waarop we naar de ene en de andere cultuur kijken.

Anders moeten we bij het begin van elke wildseizoen herten, fazanten, everzwijnen en wilde konijnen gaan verdoven voordat de jagers (of natuurbeheerders zoals de jagers tegenwoordig zichzelf zien) op hen beginnen schieten. Kwestie van iedereen en alle “barbaarse” praktijken gelijk voor de wet te maken. Voor de wet en de media en de politiek en vooral voor de modale Vlaming.

Ik vind dat alleszins eenvoudiger dan, bijvoorbeeld, alle schapen in het Sint-Annabos los te laten en toestemming te geven aan de slachters om op hen te springen met scherpe messen. Alhoewel, de media zullen daar zeker business in zien.
 

------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------------

Orlando Verde is geboren in Venezuela in 1977, maar woont in Antwerpen sinds 2001. Hij is informaticus van opleiding en schrijft en maakt films af en toe. Eigenlijk vertelt hij vooral graag verhaaltjes.

Eerdere publicaties:

'De Ogen van Oedipus'

'The Eighthies'

http://www.kifkif.be/actua/de-jacht