Vrouwenorganisaties interpelleren politieke en institutionele instanties over de situatie van de Afghaanse vluchtelinges.

11-03-2014 | Vrouwen Overleg Komitee

Ter gelegenheid van de Internationale Vrouwendag op 8 maart, vragen vrouwenorganisaties aandacht voor de specifieke situatie van Afghaanse vluchtelinges. Het is precies één jaar geleden dat zij hun acties startten voor asiel in de hoop niet teruggestuurd te worden naar hun land van herkomst waar de oorlog verder woedt.

No (wo)man's land

Voor vrouwen die Afghanistan ontvluchtten is de situatie er nog schrijnender dan voor mannen. De Belgische regering geeft dat overigens grif toe, want de uitwijzingsprocedure voor Afghaanse vrouwen en kinderen werd opgeschort. Tegelijk krijgen deze vrouwen zonder vluchtelingenstatuut geen papieren waarmee ze een nieuw leven zouden kunnen opbouwen. Kortom, er dreigt geen uitzetting, maar er is ook geen sprake van een verblijfsvergunning. Door dit non-beleid dolen deze vrouwen en kinderen hier rond in een niemandsland terwijl ze eigenlijk automatisch verblijfsrecht omwille van humanitaire redenen zouden moeten krijgen.

Zelfs als we ervan uitgaan dat de vrede in Afghanistan zal terugkeren, betekent dit geen verbetering voor de situatie van meisjes en vrouwen. De vele jaren oorlog hebben de vrouwenrechten volledig teniet gedaan, en de hoop op emancipatie ernstig verzwakt. Op het vlak van gendergelijkheid scoort Afghanistan barslecht: het land staat op de voorlaatste plaats in de rangschikking van de OESO. Enerzijds heeft een alleenstaande Afghaanse vrouw – zonder bescherming van een man - geen toegang tot het openbare leven of de arbeidsmarkt. Anderzijds is huiselijk geweld een van de meest voorkomende vormen van geweld op Afghaanse vrouwen; het thuisnetwerk biedt amper bescherming.

Een aantal feiten en cijfers:

 87% van de Afghaanse vrouwen is analfabeet;
 Tussen de 70% en 80% van de vrouwen en meisjes wordt gedwongen tot een huwelijk;
 Afghanistan heeft het hoogste moedersterftecijfer ter wereld;
 De gemiddelde levensverwachting voor vrouwen in Afghanistan is amper 48 jaar;
 Discriminerende wetten en praktijken voorkomen dat meisjes en vrouwen het huis verlaten zonder toestemming van een man. Wie niet gehoorzaamt, wacht zware gevangenisstraffen;
 Volgens gegevens van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens is 80% van de Afghaanse vrouwen het slachtoffer van geweld.

Vrouwenrechten zijn mensenrechten

Ondanks deze algemeen bekende feiten houden de asielinstanties tijdens het verwerken van asielaanvragen al te vaak geen rekening met de genderdimensie. De wetgever voegde deze dimensie nochtans toe in de wet van 2006, en gendergerelateerde vervolgingen zijn opgetekend in punt f van artikel 48/3 van de wet van 15 december 1980.
Maar de beslissing om asiel te verlenen wordt in de regel genomen op basis van de situatie van de man. Dat ontneemt vrouwen de mogelijkheid om het geweld waarvan ze slachtoffer zijn in te roepen en zo een eigen dossier op te bouwen.
In dat opzicht is het erg verbazend dat de rapporten Afghanistan van Cedoca, de documentatie- en researchdienst van het Commissariaat-generaal voor de Vluchtelingen en de Staatlozen (CGVS), zelfs geen melding maken van vrouwen en meisjes. Het CGVS beschikt nochtans over een genderafdeling.

Een resolutie van de Raad van Europa vraagt uitdrukkelijk aan de EU-lidstaten om in asielvragen aandacht te besteden aan het genderaspect. De resolutie vermeldt met name: “Vervolging van vrouwen en meisjes verschilt vaak danig van die van mannen. Toch blijft het asielstelsel dit zien door de lens van mannelijke ervaringen.”

Daarom vragen wij dat de Afghaanse vrouwen en meisjes automatisch verblijfsrecht omwille van humanitaire redenen krijgen. Voor hen bestaat er geen enkele zogenaamde “veilige zone” in Afghanistan.

Vanuit dit perspectief vragen wij:

• dat de afgewezen asielaanvragen waarbij geen rekening gehouden werd met de genderdimensie heronderzocht worden in functie van de criteria die door de Raad van Europa aanbevolen worden;
• In afwachting van het heronderzoek van hun dossier, de Afghaanse vluchtelinges in België subsidiaire bescherming genieten en geregulariseerd worden;
• de Dienst voor Vreemdelingenzaken en het Commissariaat-generaal voor de Vluchtelingen een systematisch en transparant genderbeleid voeren;
 de parlementsleden de vraag naar een doorlichting van het huidige genderbeleid van het Commissariaat-generaal voor de Vluchtelingen en de Dienst voor Vreemdelingenzaken via het College van Federale Ombudsmannen ondersteunen;
 Cedoca gendergerelateerde informatie per land verzamelt, en dat bij de asielaanvragen ook de vrees voor vervolging op basis van geslacht systematisch in rekening gebracht wordt;
 vrouwelijke asielzoekers specifiek over de genderproblematiek worden geïnterviewd om zo een zelfstandig dossier op te bouwen, en dat de interviewers een professionele vorming hebben genoten om met vrouwelijke slachtoffers van geweld/discriminatie om te gaan;
 discriminerende en schadelijke praktijken zoals het ontbreken van het recht op onderwijs en de voor de hand liggende risico’s van vroege en/of gedwongen huwelijken beschouwd worden als onmenselijke en vernederende praktijken, en dat de situatie van meisjes – ongeacht de positie van hun ouders – automatisch afzonderlijk onderzocht wordt.

We vragen geen betere bescherming voor Afghaanse vrouwen en meisjes dan voor mannen. Niemand zou uitgewezen mogen worden naar een land in oorlog. Dat belet niet dat vrouwelijke asielzoekers – van waar dan ook afkomstig - individueel gehoord moeten. Hun lot, en dat van hun dochters, moet bepaald worden op basis van de risico’s die ze lopen als vrouw en als meisje.

Info:

Contact voor het Collectief ter ondersteuning van de Afghaanse vluchelinges:
Sofie De Graeve, woordvoerster Vrouwen Overleg Komitee
0479 78 98 33
vrouwendag [at] amazone [dot] be
 

http://www.kifkif.be/actua/vrouwenorganisaties-interpelleren-politieke-en-institutionele-instanties-over-de-situatie-van-