Ga verder naar de inhoud
Ga verder naar de inhoud

Baart de Interministeriële conferentie racismebestrijding een muis?

Het antiracistisch middenveld verwacht doorzetting en politieke moed op Interministeriële Conferentie Racismebestrijding en in federale regeringsonderhandelingen.

Door De NAPAR Coalitie op 24 september 2020

In 2001 engageerde België zich in Durban om een nationaal actieplan tegen racisme uit te werken. Negentien jaar later laat het plan nog steeds op zich wachten. België loopt daarmee hopeloos achter op andere Europese landen, waarvan sommigen zelfs al aan hun tweede plan toe zijn. De NAPAR Coalitie, een samenwerkingsverband van 60 organisaties die een actieplan tegen structureel racisme bepleiten, verwacht dan ook veel van de Interministeriële Conferentie Racismebestrijding die vrijdag van start gaat.

De laatste weken ving de NAPAR Coalitie echter vanuit verschillende hoeken op dat sommige politieke actoren aan Vlaamse kant deze interministeriële conferentie van meet af aan proberen te blokkeren of het actieplan af te zwakken. We herinneren de Vlaamse regering aan haar belofte om constructief mee te werken aan het actieplan. Ook de andere regeringen hebben zich daartoe geëngageerd. Op geen enkele manier mag de strijd tegen racisme en discriminatie gebruikt worden als politieke pasmunt in de federale regeringsvorming of om electoraal te scoren.

We zijn verbaasd dat de strijd tegen racisme en discriminatie tot nu toe op geen enkel moment ter sprake kwam tijdens de federale regeringsonderhandelingen.

We zijn evenzeer verbaasd dat de strijd tegen racisme en discriminatie tot nu toe op geen enkel moment ter sprake kwam tijdens de federale regeringsonderhandelingen. De laatste maanden kreeg de NAPAR Coalitie tijdens politieke ontmoetingen nochtans van alle partijen rond de federale onderhandelingstafel het signaal dat de aanpak van racisme voor hen een prioriteit is. Meer dan ooit is een krachtdadige aanpak tegen racisme op alle niveaus nodig.

We zagen het voorbije jaar hoe racisme en discriminatie in alle maatschappelijke domeinen voor steeds meer onrust en verdeeldheid zorgt. Racisme en discriminatie grijpen in op de levens van alle inwoners, en in het bijzonder op inwoners met een migratieachtergrond: op sociale media, bij de politie, op vlak van justitie en in het onderwijs, maar evengoed op het openbaar vervoer en in de arbeids- en woonmarkt.

Er is nu voorts een ongezien momentum. Naar aanleiding van de dood van George Floyd kwamen begin juni meer dan 10.000 mensen op straat om ook bij ons racisme aan te klagen. Ook de betoging van #HijabisFightBack, die de uitsluiting van mensen op basis van levensbeschouwelijke tekens aankaartte, bracht veel volk op de been. Deze initiatieven werden gesteund door politici over de partijgrenzen heen. De Interministeriële Conferentie Racismebestrijding én de federale regeringsvorming zijn dan ook hét moment om deze politieke steun om te zetten in beleidsdaden.

Hoewel België een slechte leerling is als het gaat over het registreren van etnische gegevens, is het voorts zeer waarschijnlijk dat personen met een migratieachtergrond extra kwetsbaar zijn voor het coronavirus en de COVID-maatregelen. Structureel en institutioneel racisme en discriminatie zorgen voor hogere armoedecijfers, precaire tewerkstelling, slechtere huisvesting en moeilijkere toegang tot eerstelijnsdiensten, wat tijdens een pandemie extra gezondheidsrisico’s meebrengt.

Het zoveelste uitstel van een actieplan is dus geen optie. Wij kijken dan ook uit naar het resultaat van de Interministeriële conferentie: een krachtig plan tegen structureel racisme, met concrete streefdoelen, meetbare slaagcriteria, cijfers én middelen, waarbij alle relevante actoren betrokken worden.


Geef je mening of deel in je netwerk
opinie