Ga verder naar de inhoud
Ga verder naar de inhoud
De strijd tegen antisemitisme moet samen gevoerd worden met de bredere strijd tegen alle vormen van racisme. CC Stef Arends

De strijd tegen an­ti­se­mi­tis­me heeft nood aan precisie en helderheid

Antisemitisme blijft een hardnekkig probleem in België en Europa. Dit onder ogen zien, is essentieel in elke visie voor collectieve veiligheid, gelijkheid en vrijheid. Maar wanneer antisemitisme consequent wordt voorgesteld als een existentiële crisis, zonder zorgvuldige aandacht voor definities, data en context, vertroebelt dit de realiteit en ondermijnt het de bredere strijd tegen racisme.

Door Fenya Fischler op 13 februari 2026

In 2025 besteedde ik maanden aan het onderzoeken van het publieke discours over antisemitisme in België en in Europa. Ontelbare persberichten, socialemediaposts en nieuwsartikelen toonden een hardnekkige framing van antisemitisme als een existentiële crisis, zelfs al vóór oktober 2023.

Mainstream media, politieke leiders en bepaalde Joodse organisaties gebruikten hyperbolische termen en dramatische metaforen, wat resulteerde in een opgejaagd narratief van hedendaags antisemitisme als een crisis zonder precedent sinds de Holocaust.

Crisisframing is niet politiek neutraal: het legitimeert securitisering, surveillanceregimes en inperkingen van rechten die buitenproportioneel zwaar wegen op geracialiseerde gemeenschappen die al geconfronteerd worden met staatsgeweld en discriminatie. Wanneer antisemitisme voornamelijk als een noodsituatie wordt voorgesteld, verkleint de ruimte voor proportionele, op bewijs gebaseerde reacties.

Deze logica draagt niet bij aan de daadwerkelijke veiligheid van Joden. Ze vormt het Joodse leven door middel van angst, exceptionalisering en staatsgeweld, en breidt tegelijkertijd het gebruik van repressie tegen anderen uit.

Geleefde ervaring, data en context

Het is begrijpelijk dat veel Joodse mensen zich in België onveilig en ongehoord voelen; het gewicht van historisch trauma blijft voelbaar. Tegelijk is het essentieel om geleefde ervaringen en percepties aan te vullen met een zorgvuldige blik op data en context.

Veel berichtgeving over antisemitisme steunt op brede en bedenkelijke definities die kritiek op Israël of het zionisme gelijkstellen aan antisemitisme. Terwijl UNIA Belgische juridische kaders toepast, blijven andere organisaties problematische definities gebruiken, zoals de IHRA-werkdefinitie van antisemitisme. De opzettelijke gelijkstelling van antisemitisme met kritiek op Israël en het zionisme door de Israëlische regering, vele Europese regeringen en bepaalde andere organisaties, heeft de conceptuele verwarring verdiept. Dit misbruik van antisemitisme is strategisch, het is ruim bekritiseerd en wordt herhaaldelijk ingezet om politieke kritiek te smoren en solidariteit te ondermijnen.

Tooltip content for: IHRA-werkdefinitie

Die IHRA-definitie is controversieel omdat die kritiek op Israël schaart onder antisemitisme. Dit zou kritische stemmen kunnen onderdrukken en de vrijheid van meningsuiting in gevaar brengen.

Brede en verwarrende definities van antisemitisme worden strategisch ingezet om kritiek op Israël te smoren
Fenya Fischler

Wanneer analyses ruwe cijfers prioriteren boven de aard van incidenten, kan dit het begrip van antisemitisme verdraaien en een gevoel van crisis versterken. De afgelopen jaren zijn er een aantal spraakmakende zaken geweest waarbij antisemitisme een rol speelde, waaronder het Schild & Vrienden-procesantisemitische voetbalgezangennazi-ideologie onder Belgische soldaten en de zaak rond Herman BrusselmansRecente gegevens van UNIA tonen aan dat de meerderheid van antisemitismedossiers betrekking heeft op online haatspraak, en veel minder op fysiek geweld of discriminatie. Daartegenover staat dat andere vormen van discriminatie in België, zoals racistische discriminatie of discriminatie op basis van seksuele oriëntatie, voornamelijk betrekking hebben op structurele discriminatie eerder dan haatspraak. 

Zoals UNIA aangeeft, moeten deze cijfers ook worden begrepen in de context van Israëls aanhoudende genocide in Gaza, waarin velen ten onrechte geen onderscheid maken tussen Joden en Israël. Deze dynamiek, verergerd door het hierboven beschreven misbruik van antisemitisme, stelt Joden bloot aan verhoogde risico’s.

Hoewel veel Belgische Joden, waaronder ikzelf, vaak te maken krijgen met antisemitische stereotypen en wereldbeelden, worden we momenteel niet geconfronteerd met systematische fysieke aanvallen, routinematige uitsluiting van diensten of staatsgeweld zoals moorden door de politie, criminalisering of verscherpt toezicht op basis van onze Joodse identiteit.

De data wijzen dus op een ernstig probleem, maar niet een van existentiële of pre-genocidale proporties zoals alarmistische narratieven suggereren. Philippe Markiewicz, voorzitter van het Centraal Israëlitisch Consistorie van België, uitte reeds zijn bezorgdheid over deze overschatting en stelde: “Wanneer ik Joodse organisaties hoor beweren dat Joden in België als tweederangsburgers worden behandeld, kan ik dat niet aanvaarden. Dat is niet waar.” Even misleidend is het spreken over een massale exodus van Joden uit België wegens antisemitisme.

Er is aanzienlijke erkenning vanuit beleidsmakers van risico’s van antisemitische aanvallen tegen Joden, waaronder politiebewaking van synagogen en toegewijde contactpersonen. Voorstellen zoals het testen van controversiële AI-surveillance in Joodse wijken in Antwerpen illustreren hoe antisemitisme juist als een afzonderlijk veiligheidsprobleem wordt behandeld. Zoals Markiewicz bevestigt: “Federale, regionale en lokale autoriteiten luisteren naar ons en maken middelen vrij om ons te beschermen.” Voor alle duidelijkheid is het niet mijn punt dat alle gemeenschappen dit soort politiebewaking en surveillance zouden moeten krijgen. Integendeel, dit op veiligheid gerichte model is schadelijk en niet geschikt om racisme aan te pakken.

Deze context ontbreekt vaak, net als het feit dat andere geracialiseerde gemeenschappen zelden vergelijkbare bescherming krijgen en eerder te maken krijgen met overpolicing, criminalisering en structurele verwaarlozing. De manier waarop gegevens worden geïnterpreteerd en gepresenteerd is belangrijk omdat dit beleidsprioriteiten en de toewijzing van middelen beïnvloedt. 

De isolatie van antisemitisme in federaal beleid

Wanneer hedendaags antisemitisme wordt voorgesteld als een grotendeels genegeerde crisis die dringend aandacht vereist, geeft dit een vertekend beeld. België beschikt reeds over een interfederaal coördinatiemechanisme voor de bestrijding van antisemitisme, terwijl er geen equivalent bestaat voor andere vormen van racisme. Huidige beleidsvoorstellen zetten deze trend voort door bijkomende maatregelen te introduceren die specifiek op antisemitisme gericht zijn.

Meerdere antiracistische Joodse organisaties waarschuwen voor het isoleren van antisemitisme van de bredere antiracistische strijd.
Fenya Fischler

Meerdere antiracistische Joodse organisaties zoals Een Andere Joodse Stem en de Union des Progressistes Juifs de Belgique (UPJB) hebben gewaarschuwd voor het isoleren van antisemitisme van de bredere antiracistische strijd. We hebben ons dan ook verzet tegen de aanstelling van een nieuwe antisemitismecoördinator op een moment waarop instellingen zoals UNIA en antiracistische middenveldorganisaties geconfronteerd worden met pijnlijke besparingen. Hoewel onderwijs, preventie en gerichte middelen noodzakelijk zijn, dreigen geïsoleerde benaderingen solidariteit te ondermijnen en concurrentie tussen gemeenschappen aan te wakkeren in een context van afnemende publieke middelen.

Een aanpak gebaseerd op antiracisme en solidariteit

Antisemitisme komt niet gelijkmatig voor over het politieke spectrum. Het zit historisch en empirisch diep verankerd binnen extreemrechts, waar het fungeert als een rookgordijn en een mechanisme dat verdeeldheid en angst zaait voor specifieke materiële of politieke belangen. Door woede af te leiden van systemen van uitbuiting en die te richten op Joden, dient antisemitisme als instrument voor zondebokpolitiek en machtsconsolidatie, vooral in tijden van sociaaleconomische crisis. Dodelijke antisemitische aanvallen op Joden in de afgelopen jaren zijn vrijwel altijd gepleegd door extreemrechtse of door ISIS geïnspireerde fundamentalistische groeperingen, en niet door linkse of Palestijnse solidariteitsbewegingen. Dit erkennen rechtvaardigt antisemitisme elders niet, maar het foutief situeren ervan leidt tot misverstanden over zowel oorzaak als functie.

Links daarentegen beschikt over analytische tradities die focussen op machtsstructuren, uitbuiting en ongelijkheid in plaats van op etnische of religieuze zondebokmechanismen. Deze kaders maken collectieve strijd mogelijk en identificeren de ware veroorzakers van die uitbuiting. De economische 1% die rijkdom verzamelt, werknemers uitbuit, ons tegen elkaar opzet en de instrumenten van staatsgeweld controleert.

Dodelijke antisemitische aanvallen op Joden in de afgelopen jaren zijn vrijwel altijd gepleegd door extreemrechtse of door ISIS geïnspireerde groeperingen
Fenya Fischler

Mensen aan de linkerkant van het politieke spectrum zijn natuurlijk net als ieder ander niet immuun voor antisemitisme. Maar wanneer antisemitisme zich voordoet, is dat vaker het gevolg van politieke dode hoeken, onvoldoende historisch inzicht of zwakke analytische instrumenten dan van een bewuste verdeel-en-heers-strategie. De angst om rechtse narratieven in de kaart te spelen, leidt ook vaak tot stilzwijgen over antisemitisme aan de linkerkant. 

Dit is op zich het gevolg van verdeeldheid zaaiende tactieken die de veiligheid van Joden in tegenstrijd brengen met de veiligheid van andere gemeenschappen. Een dergelijke spanning zou niet mogen bestaan: Joodse veiligheid is een integraal onderdeel van de strijd tegen racisme.

Het ontbreekt antiracistische activisten in België vaak aan de kennis en middelen om antisemitisme goed te begrijpen als een vorm van racisme en om met morele duidelijkheid te communiceren zonder onbedoeld taalgebruik en strategieën te versterken die de solidariteit verzwakken of andere gemeenschappen schade berokkenen.

We hebben dringend behoefte aan lokaal verankerde gemeenschappelijke taal, instrumenten en historisch onderbouwde analyses voor antiracistische educatie die conceptuele duidelijkheid en een weg vooruit kunnen bieden. De enige manier om antisemitisme effectief aan te pakken is door middel van een antiracistische, op solidariteit gebaseerde aanpak die de veiligheid en vrijheid voor iedereen in België versterkt.

Een ingekorte versie van deze tekst verscheen eerder in Knack.


Geef je mening of deel in je netwerk

Over de auteur

Fenya Fischler

Fenya Fischler is lid van Een Andere Joodse Stem, Shabbes 24/7 en de Anti-Zionist Jewish Alliance in Belgium.

Meer van Fenya Fischler